Om artikelen op te slaan heb je een account nodig
Samenvatting
Supplement bij Rienks, K., Salemink, E., Sigurðardóttir, L. B. L., Melendez-Torres, G. J., Staaks, J., & Leijten, P. (2026). Ouders ondersteunen om angst bij kinderen te verminderen: Een meta-analyse van interventies en effectieve componenten. Gedragstherapie, 59, 34–55. https://doi.org/10.5553/TG/016774542026059001003
Tabel S1 Overzicht van de aanwezigheid van de verschillende componenten in de geïncludeerde studies
| Acceptatiegericht | Gedragsmatig | Cognitief | Emotiegericht | Relationeel | Ontspanningsgericht | Sociaal | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Studie | Ouder als ontvanger | Ouder als behandelaar | Ouder als ontvanger | Ouder als behandelaar | Ouder als ontvanger | Ouder als behandelaar | Ouder als ontvanger | Ouder als behandelaar | Ouder als behandelaar | Ouder als ontvanger | Ouder als behandelaar | Ouder als ontvanger |
| Bayer et al. (2018) [Follow-up: Bayer et al. (2021; 2022)] | x | x | x | |||||||||
| Cartwright-Hatton et al. (2011) | x | x | x | x | x | x | ||||||
| Cobham et al. (2017) | x | x | x | x | x | x | ||||||
| Comer et al. (2021) | x | x | x | |||||||||
| Dadds & Roth (2008) | x | x | x | |||||||||
| Donovan & March (2014) | x | x | x | x | ||||||||
| Edrissi et al. (2019) | x | x | x | x | x | |||||||
| El Rafihi-Ferreira et al. (2018) | x | x | ||||||||||
| Hiller et al. (2016): Tolerance of child's negative emotions | x | x | x | x | x | |||||||
| Hiller et al. (2016): Brief-guided parent-delivered CBT | x | x | x | |||||||||
| Huhn & Zimpfer (1989) | x | |||||||||||
| Kennedy et al. (2009) | x | x | x | x | ||||||||
| Mendez et al. (2003): Emotive performances | x | x | ||||||||||
| Mendez et al. (2003): Emotive performances with game | x | x | ||||||||||
| Morgan et al. (2017) | x | x | x | |||||||||
| Özyurt et al. (2019) | x | x | x | |||||||||
| Pile et al. (2021) | x | x | ||||||||||
| Rapee et al. (2006) | x | x | x | x | ||||||||
| Rapee et al. (2010) | x | x | x | |||||||||
| Salari et al. (2018) | x | x | x | |||||||||
| Santacruz et al. (2006): Bibliotherapy and games | x | x | ||||||||||
| Santacruz et al. (2006): Emotive performances | x | x | ||||||||||
| Schlarb & Jager (2015) | x | x | ||||||||||
| Sim et al. (2020) | x | x | x | x | x | |||||||
| Simon et al. (2011) | x | x | x | x | ||||||||
| Smith (2014); Smith et al. (2014) | x | x | x | x | x | x | ||||||
| Thirlwall et al. (2013) [Follow-up: Brown et al. (2017)]: Brief guided parent-delivered CBT | x | x | x | |||||||||
| Thirlwall et al. (2013) [Follow-up: Brown et al. (2017)]: Full guided parent-delivered CBT | x | x | x | |||||||||
| Waters et al. (2009) | x | x | x | x | x | x | ||||||
| Zhu et al. (2014)a | ||||||||||||
Noten. Zie het hoofdartikel voor de complete vermeldingen van de hier genoemde studies (https://doi.org/10.5553/TG/016774542026059001003).
a Deze studie bevatte alleen psycho-educatie, en geen andere componenten.
Tabel S2 Differentiële effecten opgesplitst in de verschillende ouderlijke rollen, in de aanwezigheid en afwezigheid van de componenten
| Component aanwezig | Component afwezig | |||
|---|---|---|---|---|
| n (k) | Cohens d [95% BI] | n (k) | Cohens d [95% BI] | |
| Gedragsmatiga | 22 (148) | –0,62** [–0,99; –0,26] | 3 (6) | –0,39 [–1,84; 1,07] |
| Ouder als ontvanger | 19 (126) | –0,70** [–1,14; –0,27] | 7 (28) | –0,51 [–1,19; 0,18] |
| Ouder als behandelaar | 15 (124) | –0,66* [–1,17; –0,15] | 10 (30) | –0,48* [–0,90; –0,06] |
| Cognitief | 18 (94) | –0,45*** [–0,66; –0,23] | 7 (60) | –1,07 [–2,63; 0,49] |
| Ouder als ontvanger | 10 (56) | –0,54** [–0,84; –0,25] | 15 (98) | –0,64* [–1,24; –0,04] |
| Ouder als behandelaar | 13 (64) | –0,43** [–0,67; –0,19] | 12 (90) | –0,80* [–1,53; –0,06] |
| Emotiegerichta | 6 (30) | –0,55* [–1,01; –0,08] | 19 (124) | –0,61** [–1,04; –0,17] |
| Ouder als ontvangera | 4 (18) | –0,65 [–1,39; 0,09] | 21 (136) | –0,58** [–0,98; –0,18] |
| Ouder als behandelaara | 4 (18) | –0,68 [–1,53; 0,16] | 21 (136) | –0,57** [–0,95; –0,19] |
| Relationeel | 10 (41) | –0,38 [–0,87; 0,12] | 15 (113) | –0,71** [–1,17; –0,25] |
| Ontspanningsgericht | 7 (35) | –0,54 [–1,16; 0,09] | 19 (119) | –0,69** [–1,14; –0,25] |
| Ouder als ontvanger | 1 (1) | N.A. | 24 (153) | –0,59** [–0,94; –0,25] |
| Ouder als behandelaar | 6 (34) | –0,54 [–1,32; 0,23] | 20 (120) | –0,68** [–1,10; –0,26] |
| Sociaala | 3 (14) | –0,18 [–1,47; 1,11] | 22 (140) | –0,65** [–1,00; –0,29] |
Noten. BI = betrouwbaarheidsinterval; *p < 0,05; **p < 0,01; ***p < 0,001.
a Moet voorzichtig geïnterpreteerd worden, vanwege het kleine aantal studies dat een interventie met of zonder deze interventie vergelijkt.
Tabel S3 GRADE bewijskrachtbeoordeling van de effectiviteit van ouderinterventies om angst bij kinderen te verminderen, in vergelijking met een passieve controlegroep
| Aantal studies | Design | Risico op biasa | Inconsistentieb | Indirectheidc | Onnauwkeurigheidd | Overig/ publicatiebiase | Bewijskracht (algehele score)f |
|---|---|---|---|---|---|---|---|
| 25 | Gerandomiseerde gecontroleerde studies | Serieus | Serieus | Geen zorgen | Geen zorgen | Publicatiebias is aannemelijk | ![]() |
Noten.a Risico op bias werd beoordeeld als serieus, omdat op de Cochrane RoB tool de meerderheid van de studies 'enige zorgen' of 'hoog risico' scoorde, met minder dan 50% beoordeeld als 'hoog risico'. Deze scores werden voornamelijk veroorzaakt door het feit dat studies niet gepreregistreerd waren en ontbrekende uitkomstdata hadden.
b Inconsistentie werd beoordeeld als serieus. Variatie was over het algemeen gematigd, en de meeste betrouwbaarheidsintervallen overlappen. Schattingen zijn vergelijkbaar, met uitzondering van de twee studies met uitschieters waarvoor de robuustheidsanalyses zijn uitgevoerd. Dit verschil zit mogelijk in het andere type angst dat gemeten is (specifieke fobie in plaats van algemene angst). Daarnaast werd substantiële heterogeniteit gevonden (I2 = 91%).
c Indirectheid werd beoordeeld als geen zorgen, omdat alle geïncludeerde studies alle onderdelen van PICO bevatten.
d Onnauwkeurigheid werd beoordeeld als geen zorgen, omdat de effectgrootte en BI niet dicht bij een nuleffect zitten, wat laat zien dat het een betekenisvol verschil is.
e Overig/publicatiebias werd beoordeeld als aannemelijk, vanwege asymmetrie in de funnel-plot.
f
Zeer laag betekent dat dit onderzoek geen betrouwbare indicatie geeft van het daadwerkelijke effect. De kans dat het daadwerkelijke effect substantieel anders is, is zeer hoog.

Figuur S1 Netwerk van de clusters van componenten
Noot. De breedte van de lijnen en het bijbehorende cijfer laten het aantal studies zien die kijken naar elke specifieke vergelijking.
ACC = acceptatiegerichte componenten; COG = cognitieve componenten; EMO = emotiegerichte componenten; GED = gedragsmatige componenten; ONT= ontspanningsgerichte componenten; REL = relationele componenten; SOC = sociale componenten.

Figuur S2 Forest plot van het random-effects-model van de effecten van combinaties van componenten op angst van kinderen met ouders in de rol van ontvanger
Noot. Een tweearmige studie vergeleek twee interventies met de componenten COG+EMO+ACC versus COG+EMO voor ouder als ontvanger (Hiller et al., 2016), maar omdat deze combinaties van componenten niet in het huidige netwerk aanwezig waren, kon de studie niet worden meegenomen in de analyse.
BI = betrouwbaarheidsinterval; ACC = acceptatiegerichte componenten; COG = cognitieve componenten; EMO = emotiegerichte componenten; GED = gedragsmatige componenten; ONT= ontspanningsgerichte componenten; REL = relationele componenten; SOC = sociale componenten. n = 0 geeft aan dat deze componenten alleen in combinatie met andere componenten zijn gebruikt, en niet individueel, dus deze effecten zijn geschat.

Figuur S3 Forest plot van het random-effects-model van de effecten van combinaties van componenten op angst van kinderen met ouders in de rol van ontvanger
Noot. Een tweearmige studie vergeleek twee interventies met dezelfde componenten voor ouder als ontvanger (Hiller et al., 2016), dus deze studie is niet meegenomen in de analyse.
BI = betrouwbaarheidsinterval; ACC = acceptatiegerichte componenten; COG = cognitieve componenten; EMO = emotiegerichte componenten; GED = gedragsmatige componenten; ONT= ontspanningsgerichte componenten; REL = relationele componenten; SOC = sociale componenten. n = 0 geeft aan dat deze componenten alleen in combinatie met andere componenten zijn gebruikt, en niet individueel, dus deze effecten zijn geschat.

Figuur S4 Risico op biasscores voor de 26 geïncludeerde studies met behulp van de Cochrane Risk of Bias Tool 2

Figuur S5 Funnel plot van de gemiddelde effectgroottes per vergelijking voor de inspectie van publicatiebias